• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Woonruimte in bedrijfspand maakt man in 2015 binnenlands belastingplichtig

17 december 2025 door Jessica Lindenberg

fiscale woonplaats

Een man die zegt al decennia buiten Nederland te wonen, woont volgens Gerechtshof ’s‑Hertogenbosch in 2015 toch in Nederland. Daardoor mag de inspecteur zijn wereldinkomen belasten, al gaat box 3 wel flink omlaag.

De man (1936) is sinds 1979 niet meer in Nederland ingeschreven en zegt dat hij op de Filipijnen woont. Hij handelt internationaal in (onder meer) militair materieel en reist veel. In Nederland houdt hij (middellijk) alle aandelen in een bv met handel in militaire voertuigen/onderdelen en in een bv die eigenaar is van het bedrijfspand. In dat pand zit een ingerichte verblijfsruimte (met zit-, slaap- en badkamer) waar hij in de maanden maart/april tot augustus/september geregeld verblijft en soms overnacht. Daarnaast gebruikt hij een Duitse vakantiewoning (van zijn zakenpartner) en heeft hij op de Filipijnen woonruimte. Partijen twisten of hij in 2015 in Nederland woont (nationaal én volgens verdragen) en of de aanslag IB/PVV 2015 niet te hoog is.

Woonplaats: band met Nederland

Het hof vindt dat de inspecteur aannemelijk maakt dat de man in 2015 een duurzame persoonlijke band met Nederland heeft. Belangrijk is dat hij in Nederland duurzaam woonruimte tot zijn beschikking heeft in het bedrijfspand en daar in de relevante maanden ook daadwerkelijk verblijft. Daarnaast wegen zijn Nederlandse nationaliteit, familiebanden in Nederland en zijn economische banden zwaar mee (aandelen en activiteiten via Nederlandse vennootschappen). Dat hij óók in Duitsland en op de Filipijnen verblijft, sluit een woonplaats in Nederland niet uit: de band met Nederland hoeft niet sterker te zijn dan met een ander land. Ook de belastingverdragen helpen hem niet. Zelfs als je aanneemt dat hij ook “inwoner” is van de Filipijnen, ligt het middelpunt van zijn levensbelangen volgens het hof in Nederland; voor Duitsland komt het hof onder het oude verdrag tot dezelfde uitkomst.

Box 1/3: geen omkering, wel correcties

De man doet een nihilaangifte. Toch krijgt de inspecteur géén omkering/verzwaring van de bewijslast: het hof vindt niet bewezen dat de man wist (of moest weten) dat hij door die aangifte een aanzienlijk bedrag aan belasting zou missen, gezien zijn verspreide verblijf en beperkte fiscale kennis. Voor de inhoud gaat het hof wel mee met een deel van de correcties. Het hof gelooft dat de man werkzaamheden verricht voor de Nederlandse handelsonderneming, maar ziet geen dienstbetrekking (geen gezagsverhouding). Het inkomen in box 1 wordt daarom resultaat uit overige werkzaamheden: € 76.297 (afgeleid uit twee stortingen in 2015). Box 3 valt juist lager uit: het vermogensrapport waar de inspecteur op leunt is te onzeker. Het hof sluit aan bij de eigen (eerdere) verklaring van de man en stelt zijn bezittingen op € 6.000.000; dat geeft een box‑3‑inkomen van € 239.146. Via interne compensatie komt de aanslag uit op box 1 € 76.297 en box 3 € 239.146 (belastingrente evenredig).

Wetgeving: art. 4 en art. 55 AWR, art. 2.1, art. 3.90 Wet IB 2001 en art. 5.2 Wet IB 2001, art. 8 EVRM

Bron: Gerechtshof ’s‑Hertogenbosch 10 december 2025 (gepubliceerd 16 december 2025), ECLI:NL:GHSHE:2025:3509, 23/372 | NDFR

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, IB-ondernemer, Inkomstenbelasting, Inkomstenbelasting ondernemers, Internationaal & Europees recht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Tarieven, bedragen en percentages loonheffingen vanaf 1 januari 2026
Volgende artikel
Hof geeft inspecteur groen licht voor infoverzoek Hong Kong-geldverstrekker

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

fiscaal dienstverleners

Wetsvoorstel Wet versterking waarborgfunctie Awb fors aangepast

Het kabinet werkt verder aan de Wet versterking waarborgfunctie Awb, die moet bijdragen aan een betrouwbare en menselijke overheid. Wel wordt het wetsvoorstel flink aangepast vanwege hoge uitvoeringslasten. Het wetsvoorstel moet de dienstverlening verbeteren, de menselijke maat bevorderen en laagdrempelig contact tussen overheid en burger stimuleren. Overheidsorganisaties en rechters moeten meer ruimte krijgen om rekening... lees verder

wet minimumbelasting 2024

OESO publiceert nieuwe afspraken over Pijler 2

De OESO heeft een nieuw pakket met afspraken gepubliceerd over de wereldwijde minimumbelasting voor grote internationale bedrijven. Het pakket moet ervoor zorgen dat landen de regels zoveel mogelijk op dezelfde manier uitvoeren. Ook moet het bedrijven meer zekerheid geven en de administratieve lasten beperken.

rentevergoeding

Totale vergoeding bepaalt zakelijkheid concernfinanciering

Hof Den Haag oordeelt dat de totale vergoedingen voor verschillende kredietfaciliteiten binnen een concern te hoog zijn. Bij de beoordeling van de zakelijke rente mag worden uitgegaan van de totale kosten van de faciliteit en van marktgegevens die bij het aangaan van de financiering beschikbaar waren.

belastingverdrag

Internetconsultatie wijziging fiscaal verdragsbeleid ten aanzien van betalingen voor diensten

Het ministerie van Financiën is een internetconsultatie gestart over een wijziging van het het fiscaal verdragsbeleid ten aanzien van betalingen voor diensten (op basis van het bruto-inkomen).

belastingaanslag

Geen verzuimboete zonder bewijs juist toezendadres

Hof Amsterdam vernietigt een verzuimboete omdat de inspecteur niet overtuigend aantoont dat de aanmaning op het juiste adres is aangeboden of ontvangen. Ook is er geen grond voor omkering en verzwaring van de bewijslast.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

Opleidingen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Pillar 2: Wet Minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Opleidingen

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×