• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

BOR slechts voor deel van geschonken certificaat

3 november 2016 door Marieke Jansen

Doordat niet voldoende was onderbouwd in welke mate de door werknemers verrichte arbeid was toe te rekenen aan de onroerende zaken in het algemeen en de verhuuractiviteiten in het bijzonder, was de BOR alleen van toepassing voor de vermogensbestanddelen dienstbaar aan de projectontwikkeling en bouwactiviteiten.

In deze zaak ging het om een bv die met haar deelnemingen actief was in projectontwikkeling, bouw en verhuur van panden. De aandelen in de bv waren gecertificeerd. Het echtpaar dat de certificaten hield, schonk in 2014 één certificaat ter waarde van € 283.735. Bij de aangifte schenkbelasting werd verzocht om toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR), maar de inspecteur honoreerde dit verzoek alleen ten aanzien van vermogensbestanddelen die dienstbaar waren aan de projectontwikkeling en bouwactiviteiten. Volgens Rechtbank Den Haag had de inspecteur toepassing van de BOR terecht afgewezen ten aanzien van het vastgoed dat werd gehouden in verband met de verhuuractiviteiten. De begiftigde voerde aan dat 7 werknemers actief bezig waren met het vermarkten en verhuren van het vastgoed, maar volgens de rechtbank was niet inzichtelijk gemaakt in hoeverre de verrichte arbeid naar aard en omvang tot doel had voordelen te behalen die het rendement bij normaal actief vermogensbeheer te boven gaan. Ook was niet aannemelijk geworden dat de verhuuractiviteiten samenhingen of verknoopt waren met de uitgevoerde projectontwikkeling en bouwactiviteiten. De rechtbank verklaarde het beroep van de begiftigde ongegrond.

Wet: artikelen 35b en 35c Successiewet

Meer informatie: Rechtbank Den Haag, 15 juli 2016 (gepubliceerd 28 oktober 2016), ECLI:NL:RBDHA:2016:9308

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Naheffing van € 142 mln voor ABN Amro
Volgende artikel
Nieuw besluit over art. 9, 10 en 15 Successiewet

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

nieuwe pensioenwet; transitie

Box 3 van jou of box 3 van mij?

In welke gevallen mogen fiscale partners de verdeling van hun gezamenlijke grondslag sparen en beleggen (box 3) nog wijzigen?

belastingrente

Ongespecificeerde rente eerst naar oudste schuldigerkenning

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij meerdere schuldigerkenningen een niet-gespecificeerde rentebetaling eerst aan de oudste schuld moet worden toegerekend. Omdat daardoor over de tweede schuldigerkenning niet tijdig en volledig rente is betaald, is art. 10 SW daarop van toepassing.

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

box 3 rendement

Heffingvrij vermogen verlaagt werkelijk rendement box 3 niet

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij box 3-rechtsherstel over het werkelijke rendement geen rekening wordt gehouden met het heffingvrije vermogen. De inspecteur heeft wel de hoorplicht geschonden.

waardering woning successiewet

Kapitalisatiefactor geldt ook bij tijdelijk vruchtgebruik

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de kapitalisatiefactor uit het Uitvoeringsbesluit Successiewet ook geldt voor een vruchtgebruik dat na uiterlijk één jaar eindigt. Toch wordt het beroep van de zoon gegrond verklaard, omdat de inspecteur tijdens de procedure alsnog rekening houdt met eigenaarslasten.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Verdiepingscursus Internationale estate planning

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Basiscursus Estate planning

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

AGENDA

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×