• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen ongelijke behandeling gehuwde en ongehuwde mantelzorgers

24 april 2015 door Giniraynha Poulina

Een gehuwde mantelzorger heeft bij het overlijden van een inwonende ouder geen recht op de partnervrijstelling in de erfbelasting. In dat geval wordt immers de echtgenoot van de mantelzorger als partner aangemerkt en niet de inwonende ouder.  

Een vrouw woonde vanaf 1991 samen met haar echtgenoot en haar twee kinderen. In 1997 trok haar moeder bij het gezin in. Toen moeder kwam te overleden was dochter de enige erfgenaam. Ze wilde de partnervrijstelling in de erfbelasting voor mantelzorgers toepassen. Maar dat mocht niet van de fiscus. Ook de rechtbank vond dat de vrouw in relatie tot haar moeder niet voldeed aan het partnerbegrip. Haar echtgenoot werd namelijk al als partner aangemerkt. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel mocht niet baten. Volgens de rechter was er in dit geval geen sprake van ongelijke fiscale behandeling van gehuwde en ongehuwde mantelzorgers. Het zijn van mantelzorger is slechts één van de voorwaarden om voor de partnervrijstelling in aanmerking te komen. Het is niet zo dat het zijn van mantelzorger alléén al recht geeft op de partnervrijstelling. Er zijn immers vele mantelzorgers die om uiteenlopende redenen niet aan de voorwaarden voor partnerschap voldoen en dus geen recht hebben op de partnervrijstelling. De rechtbank oordeelde dan ook dat de wetgever het onderscheid in fiscale behandeling tussen partners en niet partners bewust had gemaakt en dat ook in redelijkheid had kunnen maken.

 

Wet: artikel 1a Wet Successiewet 1956 en artikel 32, eerste lid Wet Successiewet 1956

Meer informatie: Rechtbank Gelderland, 24 maart 2015 (gepubliceerd op 17 april 2015), ECLI:NL:RBGEL:2015:2025

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Verzoek van zorgverlener om VAR-WUO terecht afgewezen
Volgende artikel
Belastingdienst + Big Data = Big Brother?

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

schuldigerkenning en box 3

BOR geldt ook voor procentuele toename na aandeleninkoop

Rechtbank Noord-Nederland vernietigt een aanslag schenkbelasting van € 52.501. De bedrijfsopvolgingsregeling is volledig van toepassing op een schenking van certificaten, ook al is het procentuele belang van de schenker door een eerdere aandeleninkoop door de bv vergroot.

Legitieme portie geeft geen vordering of renteaftrek

De Hoge Raad oordeelt dat een beroep op de legitieme portie leidt tot een goederenrechtelijke aanspraak en niet tot een vordering op de langstlevende ouder. Daardoor is geen sprake van een schuldig gebleven erfdeel en is er geen recht op oprenting.

coronakorting voor hotel

Bedrijfsopvolgingsvrijstelling geldt niet bij overdracht via bv-structuur

De Hoge Raad oordeelt dat de vrijstelling voor overdrachtsbelasting bij bedrijfsopvolging niet geldt als de overdracht via bv’s loopt. De zogenoemde doorkijkarresten maken dit niet anders, omdat zij niet zien op de persoon van de verkrijger.

sociaal belang

Giften aan sportverenigingen en fiscale mogelijkheden

Een uitbreiding van de giftenaftrek met eenmalige giften aan sportverenigingen is niet in lijn met de ambitie van het kabinet om het belastingstelsel te vereenvoudigen.

fiscale wijzigingen 2026

Termijn belastingrente erfbelasting volgens wettekst leidend

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de duidelijke wettekst van art. 30g AWR leidend is bij de uitleg van de termijn voor belastingrente. Een verzoek om een voorlopige aanslag dat tijdig volgens die tekst is ingediend, voorkomt belastingrente.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Online cursus Familiestichting en family governance

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×