Een kleine minderheid pleit voor afschaffing van de erfbelasting, terwijl meer dan de helft vindt dat erfenissen zwaarder belast mogen worden dan nu het geval is. Ook bestaat er brede steun voor een progressieve erfbelasting, waarbij grotere erfenissen zwaarder worden belast dan kleinere.
Nieuw onderzoek naar erfbelasting
Nieuw onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB) brengt in kaart hoe Nederlanders denken over erfbelasting en hoe die opvattingen samenhangen met ideeën over ongelijkheid, economische kansen en de rol van de overheid. Daarnaast analyseert het onderzoek de feitelijke belastingdruk op nalatenschappen.
Het onderzoek meet niet hoe goed mensen bekend zijn met de huidige tarieven, maar laat wel zien welk belastingtarief zij passend vinden voor een erfenis van een ouder aan een kind.
Brede steun voor een progressieve erfbelasting
Gemiddeld geven Nederlanders de voorkeur aan hogere tarieven dan de huidige. Daarnaast is er brede steun voor een progressieve opbouw van de erfbelasting. Veel respondenten vinden dat grotere erfenissen zwaarder belast zouden moeten worden dan kleinere, ongeacht hun leeftijd of vermogen.
Hoewel de erfbelasting al een progressieve tariefstructuur kent, wordt de uiteindelijke belastingdruk in de praktijk vooral bepaald door de relatie tussen de overledene en de erfgenaam en door de samenstelling van het vermogen.
Opvattingen hangen samen met ideeën over ongelijkheid
De manier waarop mensen tegen erfbelasting aankijken, hangt samen met hun bredere maatschappelijke overtuigingen. Respondenten die ongelijkheid als een belangrijk probleem zien, zijn vaker voorstander van hogere erfbelasting. Mensen die vinden dat succes vooral voortkomt uit eigen inspanning, pleiten juist vaker voor lagere tarieven.
Verwachtingen over mogelijke economische effecten van hogere erfbelasting, zoals minder werken of investeren, blijken daarentegen nauwelijks van invloed op de voorkeuren van respondenten.
Het onderzoek laat ook zien dat opvattingen over erfbelasting kunnen veranderen wanneer mensen beter geïnformeerd worden. Inzicht in de kennis en afwegingen van burgers kan bijdragen aan een goed onderbouwd maatschappelijk debat over de inrichting van de erfbelasting. Dat wordt steeds relevanter, omdat de omvang van nalatenschappen naar verwachting zal toenemen.
Over de meeste nalatenschappen is geen erfbelasting verschuldigd
Voor het grootste deel van de nalatenschappen hoeft geen erfbelasting te worden betaald. Erfenissen die onder de vrijstellingsgrenzen blijven, zijn doorgaans niet zichtbaar in de beschikbare gegevens.
Bij ongeveer 35 procent van de overledenen wordt aangifte erfbelasting gedaan. Deze nalatenschappen vertegenwoordigen naar schatting driekwart van het totale nagelaten vermogen. Voor deze groep bedraagt de gemiddelde effectieve belastingdruk ongeveer 11 procent.
De uiteindelijke belastingdruk verschilt echter sterk per situatie. Zo gelden voor partners en kinderen lagere tarieven dan voor verdere familieleden. Ook de aard van het vermogen speelt een rol: door bestaande vrijstellingen wordt bedrijfsvermogen doorgaans lager belast dan andere vormen van vermogen.
De gebruikte gegevens geven daarmee een goed beeld van een groot deel van de erfbelasting, maar bestrijken niet alle nalatenschappen.
Bron: CPB, 7 juli 2026





Geef een reactie