• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Pseudo-eindheffing mogelijk over PSP- en BCP-rechten

30 november 2020 door Remco Latour

Ontslag; vergoeding; Belastingdient

Gert Jan van Mulbregt geeft een precommentaar op een recent arrest van de Hoge Raad over de pseudo-eindheffing over excessieve vertrekvergoedingen. De Hoge Raad bevestigt dat een voorwaardelijk eigendomsrecht op aandelen verschilt van een aandelenoptierecht. Daardoor kan een voorwaardelijk eigendomsrecht onder de pseudo-eindheffing over excessieve vertrekvergoedingen vallen.

Een bv had aan een bestuurder op grond van een Performance Share Plan (PSP) en een Bonus Conversion Plan (BCP) voorwaardelijke rechten op aandelen toegekend. Deze rechten werden onvoorwaardelijk nadat de bestuurder 38 maanden in dienst was. In verband met het vertrek van de bestuurder had de stichting aangifte loonheffingen pseudo-eindheffing excessieve vertrekvergoedingen gedaan. Naar aanleiding daarvan waren naheffingsaanslagen opgelegd waarbij de door de bestuurder verkregen voordelen in de pseudo-eindheffing zijn betrokken. De stichting ging vervolgens in beroep.

Voorwaardelijk eigendomsrecht

Hof Den Bosch (NTFR 2020/903) oordeelde dat men de verkregen PSP- en BCP-rechten moest aanmerken als een voorwaardelijk eigendomsrecht op aandelen. Het ging dus niet om aandelenoptierechten die op grond van de wet onder voorwaarden niet onder de pseudo-eindheffing vallen. Een wezenlijk kenmerk van aandelenopties, te weten een keuzerecht tot uitoefening van het recht op levering, vertonen de PSP- en BCP-rechten immers niet. De voordelen uit deze rechten behoren daarom tot de grondslag van de pseudo-eindheffing. De Hoge Raad onderschrijft dat oordeel. Verder merkt de Hoge Raad nog op dat het ontbreken van een verband met de beëindiging van de dienstbetrekking niet automatisch tot gevolg heeft dat een loonbestanddeel bij de berekening van de vertrekvergoeding buiten beschouwing blijft.

Commentaar Gert Jan van Mulbregt

Taxence vroeg, Gert Jan van Mulbregt, zelfstandig publicist en werkzaam bij de Belastingdienst om een reactie op dit arrest.

De Hoge Raad blijft in dit arrest bij de eerder ingezette lijn (zie NTFR 2014/1649). De verwerving van aandelen is voor de pseudo-eindheffing over excessieve vertrekvergoedingen niet gelijk aan een verwerving van aandelenopties. Een wezenlijk kenmerk van een aandelenoptie is namelijk dat de verkrijger ervan de keuze heeft de optie al dan niet uit te oefenen. Die keuze is niet aan de orde bij het in eigendom verkrijgen – al dan niet voorwaardelijk – van een aandeel. Bij deze pseudo-eindheffing is geen ruimte voor een materiële toets. Als vaststaat dat een beloning volgens de letter van de wet een vertrekvergoeding is, is niet van belang in hoeverre die beloning in materiele zin verband houdt met de beëindiging van de dienstbetrekking. Hiermee past het arrest in een stabiel beeld waarin de rechter niets afdoet aan de pseudo-eindheffing over excessieve vertrekvergoedingen. Deze heffing is niet in strijd met artikel 1 EP EVRM, want niet ‘devoid of reasonable foundation’ en wel vallend binnen de ‘exceptionally wide margin of appreciation’ die de wetgever toekomt (zie NTFR 2018/11). Er is evenmin strijd met artikel 6 EVRM, want deze heffing heeft niet het karakter van een straf (zie NTFR 2018/2498).

Protocol: art. 1 EP EVRM

Wet: art. 10a, zesde lid en 32bb, zesde lid Wet LB 1964

Bron: Hoge Raad 27 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1877, 20/01371

Binnenkort verschijnt een uitgebreid commentaar van Gert Jan van Mulbregt in het NTFR. Nog geen abonnee? Klik dan hier om 3 maanden kennis te maken met NTFR.

Filed Under: Arbeid & loon, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Informatiebeschikking aan niet meer bestaande nv vernietigd
Volgende artikel
Zorgbonus valt fors hoger uit

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Waarderingsregel bijtelling auto niet in strijd met EU-recht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de waarderingsregel voor de bijtelling wegens privégebruik van een auto niet in strijd is met het EU-recht. Recente Europese rechtspraak geeft geen aanleiding om hierover prejudiciële vragen te stellen.

dga-salaris

Niet-ingehouden loonheffing verlaagt belastbaar inkomen

Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat niet-ingehouden loonheffing niet tot het belastbaar inkomen van een dga behoort als de inspecteur niet aannemelijk maakt dat dit bedrag op een andere manier aan hem ten goede is gekomen.

jongeren; studenten

Stage in Nederland staat 30%-regeling niet in de weg

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat een buitenlandse student ondanks een eerdere stage in Nederland kan kwalificeren als ingekomen werknemer voor de 30%-regeling. Ook voldoet hij aan de loonnorm voor specifieke deskundigheid.

Fiets van de zaak

Fiscale regelingen voor woon-werkverkeer, fiets en ov

De fiscale wet- en regelgeving staat het gebruik van de fiets en het openbaar vervoer voor woon-werkverkeer niet direct in de weg. Het kabinet onderzoekt hoe het keuzeaanbod van bestaande fiscale regelingen en het daadwerkelijke gebruik van fiets en ov beter op elkaar kunnen aansluiten.

lijfrente

Terugwerkende kracht maakt pensioen niet eerder genoten

De Hoge Raad oordeelt dat pensioenuitkeringen niet met terugwerkende kracht vorderbaar en inbaar kunnen worden. Ook kan een te laat vastgestelde pensioeningangsdatum niet zonder meer met terugwerkende kracht voldoen aan de uiterste ingangsdatum voor pensioen.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Pitstop Actualiteiten Loonheffing

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

AGENDA

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×