• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Standpunt duurzaam gescheiden levende echtgenoten met ieder een andere woning

11 juli 2025 door redactie

echtscheiding woning

De Kennisgroep onroerende zaken heeft de vraag beantwoord of duurzaam gescheiden levende echtgenoten na de tweejaarstermijn van de echtscheidingsregeling allebei een andere woning als hoofdverblijf kunnen aanmerken.

Belastingplichtigen zijn getrouwd onder huwelijkse voorwaarden met koude uitsluiting en leven vanaf enig moment duurzaam gescheiden. Ze hebben allebei een koopwoning, die voor ieder van hen het hoofdverblijf is. De belastingplichtigen dienen geen verzoek tot echtscheiding of scheiding van tafel en bed in. De belastingplichtigen blijven daardoor fiscale partners.

Vraag

Geldt de tweejaarstermijn ook voor artikel 3.111, achtste lid, Wet IB 2001 zodat duurzaam gescheiden levende echtgenoten slechts gedurende deze twee jaar ieder een andere woning als hoofdverblijf kunnen aanmerken?

Antwoord

Nee. De Kennisgroep concludeert op basis van de wettekst en parlementaire geschiedenis, dat de wetgever deze mogelijkheid niet heeft willen beperken tot de tweejaarstermijn. De regeling voor duurzaam gescheiden levende echtgenoten is niet bedoeld als tijdelijke overbruggingsfaciliteit, maar geldt onbeperkt in de tijd. Dit sluit aan bij het regime van vóór 2011, toen deze echtgenoten niet als fiscale partners kwalificeerden en dus altijd ieder een eigen hoofdverblijf konden aanmerken. Bron: Belastingdienst, 10 juli 2025

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Standpunt inhoudingsvrijstelling artikel 4, tweede lid, Wet DB en vergelijkbare functie artikel 28 Wet Vpb
Volgende artikel
Standpunt kwalificatie vergoeding softwarelicentie

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

Aangifte zonder vervreemdingsvoordeel is doorschuifverzoek

Gerechtshof 's-Hertogenbosch oordeelt dat het ontbreken van een vervreemdingsvoordeel in de aangifte ib/pvv van de erflaatster geldt als een gezamenlijk schriftelijk verzoek tot doorschuiving van de verkrijgingsprijs op grond van artikel 4.17a Wet IB 2001.

erfbelasting

Bloedverwant in rechte lijn krijgt geen partnervrijstelling

Rechtbank Gelderland oordeelt dat de vader als bloedverwant in de rechte lijn geen recht heeft op de partnervrijstelling. Het van de zoon verkregen aandeel in de woning, gefinancierd met smartengeld, behoort ook tot de grondslag van de erfbelasting.

biologisch kind; vrijstelling

Aangifte bepaalt hoogte overbedelingsschuld erfbelasting

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat bij de waardering van een overbedelingsschuld in een nalatenschap moet worden aangesloten bij de aangifte erfbelasting van de nalatenschap van de vader, in plaats van bij de schattingen van de man of de inspecteur.

btw vastgoed

Standpunt verlaging WOZ-waarde als onroerende zaak uit afzonderlijk verhuurde woningen bestaat

De Kennisgroep onroerende zaken en de Kennisgroep successiewet hebben de vraag beantwoord of de verlaging van de WOZ-waarde met € 20.000 ook van toepassing is bij de waardering van afzonderlijk verhuurde woningen die onderdeel uitmaken van een onroerende zaak die kadastraal of in appartementsrechten kan worden gesplitst.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Verdiepingscursus Internationale estate planning

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

AGENDA

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Correctie box 3-vermogen wegens overtollige liquiditeiten in eenmanszaak

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×