De Kennisgroep IBR IB-niet winst/LB/PH aanslag heeft een standpunt ingenomen over de toerekening van de ondernemersaftrek bij een buitenlandse belastingplichtige ondernemer met activiteiten in zijn woonland en een vaste inrichting in Nederland.
A is woonachtig in land Y en wordt in Nederland aangemerkt als buitenlandse belastingplichtige. Hij drijft een onderneming met activiteiten in zijn woonland en met behulp van een vaste inrichting in Nederland. Zowel de Nederlandse als de buitenlandse winst zijn positief. Daarbij heeft A recht op ondernemersaftrek in de zin van artikel 3.74 van de Wet IB 2001.
Vraag
Mag een buitenlandse belastingplichtige bij het bepalen van de belastbare winst in Nederland de ondernemersaftrek volledig in mindering brengen op de winst toerekenbaar aan de Nederlandse vaste inrichting?
Antwoord
Nee, een buitenlandse belastingplichtige moet de ondernemersaftrek naar evenredigheid toerekenen aan de Nederlandse en de buitenlandse winst.





Geef een reactie