• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Vertrek uit Nederland? Belaste vrijval HIR

24 juni 2013 door Asha Stuivenwold

Als een vennootschap Nederland verlaat, is niet vereist dat de vennootschap zich vervolgens in een ander land gaat vestigen. Voor de belastingheffing en aansprakelijkheid is het aangrijpingspunt het verlaten van Nederland, zo oordeelt de Rechtbank.

Aan de orde was een behaalde boekwinst van bijna € 1,7 miljoen die een vennootschap in 2001 had ondergebracht in een herinvesteringsreserve (HIR). In 2009 tekenden de bv en de inspecteur een vaststellingsovereenkomst (VSO) waarin werd bepaald dat de bv in 2002 was verplaatst naar de Verenigde Staten. Gevolg was onder meer een navorderingsaanslag over de vrijval van de HIR op het moment van de zetelverplaatsing. De bv betaalde deze aanslag niet en de inspecteur stelde de dga vervolgens hoofdelijk aansprakelijk voor de belastingschuld.

 

Zetelverplaatsing

De dga pleitte voor Rechtbank Zeeland-West-Brabant dat de VSO strijdig was met de wet. Er was in bepaald dat de bv zich in de VS had gevestigd, maar volgens de dga kon de bv nooit als inwoner van de VS worden beschouwd. Er zou dus geen sprake zijn geweest van zetelverplaatsing. Om diezelfde reden zou de inspecteur de dga ook niet aansprakelijk kunnen stellen voor de niet-betaalde Vpb bij verplaatsing naar het buitenland. Volgens de rechtbank was echter in de betreffende artikelen (15c, lid 1 Vpb en 41 IW) niet vereist dat het verlaten van Nederland gevolgd moest worden door een vestiging in een ander land. Het was voor deze bepalingen voldoende dat de vennootschap Nederland had verlaten. Doelstelling van deze regelingen is immers de inning van de belastingschuld bij het verlaten van Nederland zeker te stellen. De stelling van de dga dat er geen sprake was van vestiging in de Verenigde Staten kon hem dus niet baten. De aansprakelijkstelling voor de verschuldigde Vpb na vrijval van de HIR bleef in stand.

 

Wet: artikel 15c, lid 1 Wet Vpb en artikel 41 IW 

Meer informatie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 april 2013 (gepubliceerd op 19 juni 2013), LJN: CA3277

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws, Winst uit onderneming

Reageer
Vorige artikel
Navordering op tijd verzonden? Bewijs het maar, fiscus
Volgende artikel
Weekers in cassatie tegen btw-vrijstelling magnetiseur

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

souvenir

Schaduwboekhouding maakt omkering bewijslast terecht

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat de in een schoudertas aangetroffen schaduwboekhouding rechtmatig is verkregen. Dit rechtvaardigt omkering en verzwaring van de bewijslast en een redelijke schatting van de omzet over heel 2018.

Ontbonden stichting blijft bestaan bij aanwezige baten

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een ontbonden stichting niet is opgehouden te bestaan als achteraf nog baten blijken te bestaan en het vermogen niet is vereffend. De Vpb-aanslagen zijn daarom tijdig en rechtsgeldig bekendgemaakt.

contant geld

Besluit mbt boetes overtreding verbod op contante betalingen vanaf € 3.000

Dit besluit wijzigt het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector, het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 en het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft in verband met het verbod op contante betalingen voor goederen vanaf € 3.000. Het besluit regelt met name de handhaving en sanctionering van dit verbod.

Hoge Raad

Rechter mag proceskostenvergoeding fors matigen zonder toelichting

De Hoge Raad oordeelt dat de rechter ruime vrijheid heeft om proceskostenvergoedingen te matigen. De rechter hoeft de omvang van die matiging niet afzonderlijk te motiveren.

online aangifte erfbelasting

Wijziging Regeling elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst

De staatssecretaris van Financiën heeft een wijziging van de Regeling elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst gepubliceerd.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Opleidingen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×