• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Evaluatie werkkostenregeling

28 maart 2018 door

Staatssecretaris Menno Snel heeft  de Tweede Kamer geïnformeerd over de uitkomsten van de evaluatie van de werkkostenregeling. Met een reactie van mr. Hans de Vries.

In de evaluatie is de werking van de WKR onderzocht in vergelijking met de oude regeling. Dit is gedaan door middel van een representatieve enquête onder werkgevers, interviews met intermediairs, focusgroepsessies met medewerkers van de Belastingdienst en een kwantitatieve analyse van de aangegeven eindheffing.

Benutting vrije ruimte

Om een beeld te krijgen van de aard van de vergoedingen en verstrekkingen waarvoor de vrije ruimte wordt benut, zijn de werkgevers gevraagd naar hun gebruik van de vrije ruimte. In de enquête noemen werkgevers het vaakst kerstpakketten, bedrijfsuitjes, maaltijden, kilometervergoeding boven 19 eurocent, fiets van de zaak en vakbondscontributie als posten die onder de vrije ruimte worden gebracht.

 

Administratieve lasten

Door een meerderheid van de werkgevers wordt geen verschil in tijdsbesteding waargenomen door invoering van de WKR. Zij die wel een verschil merken, geven vooral aan meer tijd kwijt te zijn, met name bij het grootbedrijf. De beoogde administratieve lastenverlichting wordt over het algemeen niet ervaren.

Toereikendheid van de vrije ruimte

In het onderzoek wordt op basis van de aangiften loonbelasting over 2015 en 2016 vastgesteld dat 3-4% van de bedrijven eindheffing moet betalen door overschrijding van de vrije ruimte. In de enquête geeft 5% aan de ruimte overschreden te hebben, en weet de helft van de bedrijven niet of zij binnen de vrije ruimte zijn gebleven. De verschillen tussen de sectoren zijn beperkt.

Noodzakelijkheidscriterium

De in het onderzoek geuite meningen over het noodzakelijkheidscriterium zijn verdeeld. Bij de kleinste bedrijven is slechts 19% bekend met het criterium en vindt ruim de helft van deze bedrijven dat de uitvoering van de WKR hierdoor moeilijker is geworden. Bij de grotere bedrijven zijn aanzienlijk meer bedrijven bekend met het noodzakelijkheidscriterium en merkt twee derde hiervan juist geen verschil in de uitvoering. Veruit de meeste werkgevers die het criterium kennen voelen zich zeker over de toepassing van het noodzakelijkheidscriterium.

Knelpunten (kabinetsreactie)

Een punt dat vaak naar voren komt bij de inventarisatie van knelpunten is de nihilwaardering voor bepaalde verstrekkingen op de werkplek, vanwege het onderscheid dat hierdoor bestaat met vergelijkbare verstrekkingen buiten de werkplek. Deze nihilwaardering is ingevoerd vanwege de onmogelijkheid om de waarde in het economische verkeer van de verstrekkingen op de werkplek vast te stellen. Zonder deze nihilwaardering zou een groot aantal voorzieningen op de werkplek door de werkgever (forfaitair) gewaardeerd moeten worden om zodoende vast te stellen welk bedrag ten laste van de vrije ruimte gebracht moet worden dan wel individueel verloond zou moeten worden. Het schrappen van de nihilwaardering op de werkplek zou dus een zware administratieve lastenverzwaring betekenen. Het als onlogisch ervaren onderscheid tussen vergoedingen op en buiten de werkplek zou ook opgelost kunnen worden door bepaalde verstrekkingen die op de werkplek zijn vrijgesteld eveneens buiten de werkplek gericht vrij te stellen. Parkeerplaatsen en personeelsfeesten worden in dit kader genoemd. Gegeven de budgettaire neutraliteit zou dit tot een beperking van de vrije ruimte leiden. Het kabinet acht wijzigingen op dit gebied dan ook niet wenselijk.

Reactie mr. Hans de Vries

Taxence vroeg mr. Hans de Vries, Tax Director bij Andersen Tax & Legal om een reactie.

'Er is een aantal zaken dat opvalt aan de evaluatie. Bijvoorbeeld dat slechts 3-4% van alle werkgevers in Nederland daadwerkelijk eindheffing betaalt. De omvang van de vrije ruimte lijkt dus voor veel werkgevers voldoende. Daarnaast kan 80% van de werkgevers geen knelpunten noemen in de regeling. Veel goed nieuws dus. Maar daarbij valt wel een kanttekening te plaatsen. Bijvoorbeeld dat uit het onderzoek ook blijkt dat de meerderheid van de werkgevers geen administratieve lastenverlichting ervaart door de invoering van de WKR (terwijl dat het primaire doel was voor invoering van de regeling) en dat de helft van de bedrijven helemaal niet weet of zij binnen de vrije ruimte blijft. Deze laatste uitkomst suggereert dat de werkkostenregeling bij veel bedrijven niet voldoende aandacht krijgt. De reactie van het kabinet met voorstellen om de werkkostenregeling op enkele kleine punten aan te passen zijn alleen gericht op het verminderen van de administratielast. Bijvoorbeeld door niet langer verplicht te stellen dat vergoedingen en verstrekkingen die gericht vrijgesteld zijn, worden aangewezen. En om toe te staan dat het voordeel uit verstrekte maaltijden via een steekproef wordt vastgesteld en het invoeren van een normrente voor het bepalen van het voordeel uit een personeelslening. De aangedragen suggesties om niet benutte vrije ruimte over te boeken naar volgende jaren of om meer kosten gericht vrij te stellen (bijvoorbeeld de kosten van een Verklaring Omtrent Gedrag, bestuurdersaansprakelijkheidsverzekeringen, kosten van een personeelsfonds) worden vooralsnog niet overgenomen door het kabinet. Inhoudelijke wijzigingen van de regeling zijn dus voorlopig niet te verwachten.'

Meer informatie: Kamerbrief kabinetsreactie Evaluatie Werkkostenregeling, 23 maart 2018

Filed Under: Arbeid & loon, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Kozuba-arrest: is begrip vervaardiging aan vernieuwing toe?
Volgende artikel
Belastingdienst wisselt met steeds meer landen gegevens uit

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

dga-salaris

Gepensioneerde dga ontkomt niet aan gebruikelijk loon

Rechtbank Gelderland oordeelt dat de dga geen feiten en omstandigheden aannemelijk maakt die een lager gebruikelijk loon dan het normbedrag van € 47.000 rechtvaardigen. Dat hij met pensioen is en de bedrijfsactiviteiten zijn afgebouwd, is daarvoor onvoldoende.

thuiswerken

Standpunt budget arbovoorzieningen

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de toepassing van de gerichte vrijstelling voor arbovoorzieningen in het geval de werkgever een (maximaal) budget ter beschikking stelt voor de aanschaf van arbovoorzieningen door de werknemer.

loonkloof

Wijziging Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 en Regeling loonbelastingen premietabellen 1990

Deze regeling wijzigt de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 en de Regeling loonbelasting- en premietabellen 1990. De belangrijkste wijzigingen betreffen de introductie van een eindheffing voor de eenmalige WIA-vergoeding wegens een onjuist dagloon en de aanpassing van de samenvoegbepaling voor socialezekerheidsuitkeringen die via de werkgever worden uitbetaald.

jongeren; studenten

Standpunt vrijstelling scholingskosten studietoelagen kinderen

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen naar aanleiding van de vraag of een werkgever de gerichte vrijstelling voor scholingskosten kan toepassen op een studietoelage aan het kind van de werknemer.

dga; directeur; geld lenen; bv

Standpunt gebruikelijk loon niet reële overeenkomst van opdracht bij toepassing doorbetaaldloonregeling

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de toepassing van de doorbetaaldloonregeling en de gebruikelijkloonregeling als sprake is van een niet reële overeenkomst van opdracht. Het standpunt KG:204:2022:21 wordt hierbij ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Pitstop Actualiteiten Loonheffing

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×