De fiscale regeling die in de seksbranche veel wordt gebruikt, de zogenoemde opting-in-regeling, werkt misstanden volgens het Sekswerk Meld- en Adviespunt (SMAP) juist in de hand.
In een nieuw rapport stelt het meldpunt dat sekswerkers door deze constructie tussen wal en schip vallen: zij zijn formeel geen werknemer, maar ook geen zelfstandige. Exploitanten dragen wel loonheffing af, maar hoeven nauwelijks verantwoordelijkheid te nemen als werkgever. Volgens SMAP ontstaat daardoor een ‘fictief dienstverband’ zonder voldoende arbeidsbescherming.
Het meldpunt ontvangt veel klachten van sekswerkers over dwang, intimidatie en machtsmisbruik door exploitanten. Zo wordt gedreigd met boetes of ontslag, moeten sekswerkers risicovolle boekingen accepteren of worden zij onder druk gezet om cosmetische ingrepen te ondergaan. Ook zijn er meldingen over gebrek aan privacy en beperkte toegang tot bankzaken. Volgens SMAP ontbreekt structureel toezicht op deze praktijken.
De opting-in-regeling was oorspronkelijk bedoeld om de fiscale afhandeling eenvoudiger te maken en de positie van sekswerkers te verbeteren. Volgens SMAP pakt dat in de praktijk anders uit: exploitanten profiteren van fiscale voordelen, terwijl sekswerkers onvoldoende rechten en bescherming hebben.
Soa Aids Nederland, waar SMAP onderdeel van is, roept de politiek en overheid daarom op om de regeling strenger te handhaven. De organisatie wil dat Belastingdienst, Arbeidsinspectie, politie en gemeenten nauwer samenwerken om misstanden sneller te signaleren en aan te pakken.
Bron: ANP, 18 mei 2026





Geef een reactie