• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Lening in belang van dochter-bv niet onzakelijk

15 april 2016 door

De verstrekking van een lening die mede plaatsvindt ter behartiging van de belangen van een dochtermaatschappij is niet aan te merken als een onzakelijke lening. Dit heeft Rechtbank Zeeland-West-Brabant beslist.

Een moedermaatschappij verstrekte een geldlening van € 3,5 miljoen aan een bv waarin zij middellijk een aandelenbelang hield. De lening was bedoeld voor de financiering van de aankoop van een onderneming van een dochter-bv. Verder was de lening achtergesteld bij de vorderingen van de bank, die overigens de rest van de koopsom had gefinancierd. De moeder-bv wilde een afwaarderingsverlies van € 100.000 op de vordering ten laste van haar belastbare winst brengen. De inspecteur liet dit niet toe, want volgens hem had de belanghebbende met de geldverstrekking een debiteurenrisico aanvaard dat een onafhankelijke derde niet zou hebben aanvaard. Volgens de rechtbank had de moeder-bv aannemelijk gemaakt dat de verstrekking van de lening niet alleen had plaatsgevonden in het belang van de koper, maar ook ter behartiging was van de belangen van de dochter-bv (de verkoper). Bovendien was het indirecte belang van de moeder in de overgedragen onderneming door de verkoop van de onderneming verminderd van 100% tot 20%. Ten slotte waren alleen de andere aandeelhouders van de kopende bv zelfstandig bevoegde bestuurders van die bv. De lening was dus niet verstrekt in de hoedanigheid van indirect aandeelhouder, zodat geen sprake kon zijn van een onzakelijke lening.

 

Wet: artikel 8 Vpb 1969

Meer informatie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 maart 2016 (gepubliceerd op 12 maart 2016), ECLI:NL:RBZWB:2016:1385

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Wetsvoorstel uitwerking Autobrief II aangenomen door TK
Volgende artikel
VK, Duitsland, Frankrijk, Spanje en Italië leggen lege bv's bloot

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

balans

Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd

De staatssecretaris van Financiën heeft het Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd. Het besluit vervangt het eerdere beleidsbesluit en bevat nieuwe standpunten en voorbeelden over de toepassing van de hybridemismatchmaatregelen van afdeling 2.2A Wet Vpb 1969, met name ten aanzien van Amerikaanse CFC-regimes, vaste inrichtingen en cost-plusstructuren.

valuta

Standpunt beoordeling laagbelastheid vrije beleggingen: CFC-heffing telt niet mee

De Kennisgroep deelnemingsvrijstelling heeft de vraag beantwoord of rekening wordt gehouden met een bij de belastingplichtige geheven CFC-heffing voor de beoordeling of de vrije beleggingen van het lichaam waarin een deelneming wordt gehouden laagbelast zijn. Volgens de Kennisgroep deelnemingsvrijstelling wordt met deze CFC-heffing geen rekening gehouden.

Pillar2

Standpunt kwalificatie Société Anonyme Libanaise

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Société Anonyme Libanaise vergelijkbaar is.

rente Vpb

Belastingrente Vpb verlaagd na arrest Hoge Raad over rentepercentage

Rechtbank Noord-Holland verlaagt de belastingrente voor de vennootschapsbelasting omdat het wettelijke minimumtarief van 8% en 10% onverbindend is. De rente moet worden berekend volgens het algemene belastingrentepercentage.

Betalingsonmacht B.V.

Standpunt boekwaarde-eis

De Kennisgroep winstbepaling heeft een standpunt ingenomen over de boekwaarde-eis van artikel 3.54, tweede lid, Wet Inkomstenbelasting 2001.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×