• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Parallelliteit ook civielrechtelijk beoordelen

25 juni 2019 door Michel Halters

Volgens Rechtbank Den Haag moet de vraag of sprake is van parallelliteit in de zin van artikel 10a Wet VPB 1969 zowel fiscaalrechtelijk als civielrechtelijk worden beantwoord.

Een Nederlandse B.V. (B.V. A) had een Luxemburgse vennootschap als enig aandeelhouder. B.V. A had twee deelnemingen in twee Nederlandse B.V.’s, B.V. B en B.V. C. De Nederlandse B.V.’s vormden een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, waarbij B.V. A de moedermaatschappij was. In 2011 kocht B.V. C alle aandelen in B.V. D., die ook meteen werd gevoegd in de fiscale eenheid. De koopprijs van de aandelen B.V. D was gefinancierd met onder meer een lening van de Luxemburgse aandeelhouder van € 57 miljoen. De Luxemburgse aandeelhouder had die € 57 miljoen aangetrokken door uitgifte van 57 miljoen preferred equity certificates (PEC’s) van elk € 1. In geschil bij Rechtbank Den Haag is of B.V. A de rente betaald aan haar aandeelhouder over € 57 miljoen in aftrek kan brengen op haar Nederlandse winst.

 

Geen parallelliteit en compenserende heffing

 De rechtbank stelt vast dat deze lening onder artikel 10a Wet VPB 1969 valt. Daardoor moet B.V. A aannemelijk maken dat aan deze schuld en de daarmee verband houdende rechtshandeling in overwegende mate zakelijke overwegingen ten grondslag liggen, de zogeheten dubbele zakelijkheidstoets. Lukt dat niet dan moet B.V. A aannemelijk maken dat er een compenserende heffing is in Luxemburg. De rechtbank vindt dat B.V. A niet heeft aangetoond dat sprake is van parallelliteit tussen de lening aan B.V. A en het aantrekken van het kapitaal van € 57 miljoen door de Luxemburgse aandeelhouder. Niet alleen geldt voor de vereiste parallelliteit een fiscaalrechtelijke benadering. Ook geldt een civielrechtelijke benadering. De Luxemburgse aandeelhouder heeft de verstrekte lening aan B.V. A gefinancierd met uitgifte van PEC’s. Deze PEC’s zijn beoordeeld naar Nederlands civiel recht geen leningen, maar certificaten van aandelen, eigen vermogen. Daarmee is niet voldaan aan de parallelliteit tussen de lening aan B.V. A en het aangaan van de financiering door de Luxemburgse aandeelhouder. Verder oordeelt de rechtbank dat sprake is van een onzakelijke omleiding van de geldstroom. Het had voor de hand gelegen om aan de hand van relevante stukken inzage te geven in de beweegredenen om het voor de overname van B.V. D benodigde vermogen te leiden via Luxemburg. Dat was niet gebeurd. De opbrengst van de uitgifte van PEC’s is in Luxemburg belast, maar in Nederland is sprake van opbrengst van eigen vermogen. Deze opbrengst is niet belast, dus is er geen compenserende heffing.

 

Wet: artikel 10a Wet VPB 1969

Meer informatie: Rechtbank Den Haag 13 december 2018 (gepubliceerd 21 juni 2019), ECLI:NL:RBDHA:2018:16059

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Rentevoortwentelingsaanspraak blijft na fusie bij overdrager
Volgende artikel
NOB is tegen Wet vliegbelasting

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

vastgoed buitenland

Standpunt buitenlandse collectieve beleggingsinstelling in relatie tot het Unierecht

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft de vraag beantwoord of het Unierecht zich verzet tegen de toepassing van artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet op de dividendbelasting 1965 op grond waarvan de inhoudingsvrijstelling buiten toepassing blijft op een buitenlandse collectieve beleggingsinstelling die een vergelijkbare functie vervult als een fiscale beleggingsinstelling.

BEFIT

Standpunt toepassing misbruiktoets Wet op de dividendbelasting 1965

De Kennisgroep dividendbelasting en bronbelasting en de Kennisgroep IBR Vpb & winst hebben gezamenlijk een vraag beantwoord over de toepassing van de misbruiktoets in artikel 4, derde lid, onderdeel c van de Wet op de dividendbelasting 1965.

Standpunt toepassing objectvrijstelling op inkomsten uit op Noord-Cyprus gelegen vastgoed

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft de vraag beantwoord of de objectvrijstelling van toepassing is op inkomsten van een in Nederland gevestigde vennootschap uit op Noord-Cyprus gelegen vastgoed.

Latente verliezen vallen onder beperking verliesverrekening

De Hoge Raad oordeelt dat de beperking van de verliesverrekening na een belangrijke aandeelhouderswijziging ook geldt voor latente verliezen. Het is niet vereist dat het verlies vóór de belangenwijziging al fiscaal is gerealiseerd of bij beschikking is vastgesteld.

rente Vpb

Meeste bezwaren massaal bezwaar belastingrente afgehandeld

Bijna alle bezwaren die onder de collectieve uitspraak op het massaal bezwaar vallen, zijn verwerkt. Dat blijkt uit de update herstel belastingrente vennootschapsbelasting die de Belastingdienst heeft gepubliceerd. Het gaat om aanslagen waartegen op tijd bezwaar is gemaakt en die door de staatssecretaris zijn aangemerkt voor massaal bezwaar. De Hoge Raad heeft in de uitspraak... lees verder

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×