• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Strengere inkeerregeling schendt legaliteitsbeginsel niet

20 mei 2021 door Remco Latour

Op 2 juli 2009 is de inkeerregeling strenger geworden. Deze verharding treft in principe alle belastingplichtigen die na deze datum inkeren. Tot dit oordeel komt Rechtbank Zeeland-West-Brabant.

Een man had in zijn aangiften IB/PVV over de jaren 2002 tot en met 2013 geen melding gemaakt van bankrekeningen die hij en zijn vrouw aanhielden in Luxemburg. Op 30 december maakte de man gebruik van de inkeerregeling. Vervolgens vond de verwerking van de na te vorderen belasting, boetes en rente plaats in de navorderingsaanslag over 2011. De man stelde dat de fiscus ten onrechte een vergrijpboete oplegde voor het indienen van onjuiste aangiften over de jaren 2002 – 2007. De aangiften over deze jaren had hij namelijk ingediend vóór 2 juli 2009. Op grond van de inkeerregeling van die tijd zou de Belastingdienst de man geen boete opleggen. Dat hij nu wel een moete moet betalen, is volgens de man in strijd met het legaliteitsbeginsel.

Moment van inkeer is doorslaggevend

Op grond van het legaliteitsbeginsel mag niemand een zwaardere straf krijgen dan de straf die gold toen hij het strafbare feit pleegde. Maar de rechtbank oordeelt dat voor wat betreft de verwachting over het krijgen van een boete men moet kijken naar het moment van inkeer. De rechtbank verwijst in dit kader naar een arrest van de Hoge Raad. Zie ook: ‘Moment van inkeer is bepalend voor vergrijpboete’. Omdat de man is ingekeerd op 30 december 2014, is de inkeerregeling van dat moment van toepassing. De rechtbank oordeelt daarom dat de vergrijpboete terecht is opgelegd.

Verdrag: art. 7 EVRM en art. 15 IVBPR

Wet: art. 67n AWR

Bron: Rechtbank Zeeland-West-Brabant 4 mei 2021 (gepubliceerd 17 mei 2021), ECLI:NL:RBZWB:2021:2246, AWB 19/678

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Een keer uitspraak op bezwaar, en dan is het klaar
Volgende artikel
Nader onderzoek naar digitalisering onderhandse akte

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

fiscaal dienstverleners

Wetsvoorstel Wet versterking waarborgfunctie Awb fors aangepast

Het kabinet werkt verder aan de Wet versterking waarborgfunctie Awb, die moet bijdragen aan een betrouwbare en menselijke overheid. Wel wordt het wetsvoorstel flink aangepast vanwege hoge uitvoeringslasten. Het wetsvoorstel moet de dienstverlening verbeteren, de menselijke maat bevorderen en laagdrempelig contact tussen overheid en burger stimuleren. Overheidsorganisaties en rechters moeten meer ruimte krijgen om rekening... lees verder

belastingaanslag

Geen verzuimboete zonder bewijs juist toezendadres

Hof Amsterdam vernietigt een verzuimboete omdat de inspecteur niet overtuigend aantoont dat de aanmaning op het juiste adres is aangeboden of ontvangen. Ook is er geen grond voor omkering en verzwaring van de bewijslast.

btw afdragen bij inruil voucher van derde

Vervalste administratie webshop leidt tot schatting winst

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een administratie met ernstige gebreken geen betrouwbare grondslag vormt voor de winstberekening. De inspecteur mag daarom volstaan met een gemotiveerde schatting, waarna de ondernemer aannemelijk moet maken dat zijn winst lager is.

box 3

Navordering ondanks convenant horizontaal toezicht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur na een intern HOT/HOR-bericht alsnog mag navorderen over het werkelijk rendement in box 3.

overgang pensioen

Geen onrechtmatig handelen inspecteur, geen schadevergoeding

Rechtbank Den Haag wijst het verzoek van een bv om vergoeding van materiële en immateriële schade af. Omdat de aan de bv en haar dga opgelegde aanslagen terecht zijn, valt niet in te zien dat de inspecteur onrechtmatig heeft gehandeld.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×