• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Verleggingsregeling niet van toeppassing zonder bewijs

11 mei 2016 door Rachida Lachhab

Wanneer een leverancier aan een afnemer een factuur heeft uitgereikt met de vermelding “btw verlegd” en daarover een geschil ontstaat met de belastinginspecteur, ligt de bewijslast voor het al dan niet terecht toepassen van de verleggingsregeling bij de leverancier. Volgens de rechtbank slaagt de aannemer als leverancier in deze zaak er niet in het bewijs te leveren.

Een hoofdaannemer was in de gemeente Strijen betrokken bij de bouw van een school. Voor deze bouwwerkzaamheden had de aannemer aan de gemeente Strijen facturen uitgereikt met daarop de vermelding “btw verlegd”. De inspecteur vond dat de verleggingsregeling ten onrechte was toegepast en legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op.

De rechtbank was van mening dat de aannemer moest bewijzen of de verleggingsregeling al dan niet terecht was toegepast. De aannemer stelde zich op het standpunt dat de verleggingsregeling terecht was toegepast omdat de gemeente optrad als eigenbouwer. De gemeente was volgens de aannemer bij de bouw van de school niet opgetreden als overheid maar als ondernemer in de zin van artikel 7 van de Wet op de omzetbelasting 1968. Dit blijkt volgens de aannemer uit het feit dat de gemeente bij de bouw de algehele leiding had. Volgens de rechtbank had de aannemer niet aannemelijk gemaakt dat de algehele leiding bij de gemeente berustte, waardoor de verleggingsregeling ten onrechte was toegepast.

Wet: artikel 12 Wet op de omzetbelasting 1968

Meer informatie: Rechtbank Den Haag, 16 maart 2016 (gepubliceerd op 3 mei 2016), ECLI:NL:RBDHA:2016:3564

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Namen 200.000 entiteiten Panama Papers online
Volgende artikel
Kwade trouw ondanks opgeven verzwegen inkomsten

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Nultarief accijnsgoederen mag niet afhangen van fiscaal vertegenwoordiger

Hof Den Haag oordeelt dat het nultarief voor accijnsgoederen niet mag worden geweigerd enkel omdat een buitenlands gevestigde bv geen fiscaal vertegenwoordiger heeft aangesteld. Die eis is in strijd met het Unierecht.

Standpunt kwalificatie artistieke creatie in de vorm van muurschildering

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of het aanbrengen van een artistieke creatie in de vorm van een muurschildering kwalificeert als het schilderen van een woning.

douane aanpak accijnsfraude

Besluit Toelichting Tabel II (btw-nultarief) geactualiseerd

Het besluit van 8 februari 2026 actualiseert en vervangt het eerdere Besluit Toelichting Tabel II van 20 december 2023. Het betreft beleidsregels over de toepassing van het btw-nultarief zoals opgenomen in Tabel II bij de Wet op de omzetbelasting 1968.

Appartementsrecht kwalificeert voor 70% als woning

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat een voormalig winkel-/kantoorappartement voor 70% als woning geldt voor de overdrachtsbelasting. Voor dat deel mag het 2%-tarief worden toegepast, voor het overige 30% het algemene tarief van 10,4%.

vvv en btw

Intrekking besluit Heffing omzetbelasting verenigingen voor vreemdelingenverkeer

Het besluit Heffing van omzetbelasting ten aanzien van verenigingen voor vreemdelingenverkeer van 1 januari 2002, nr. CPP2001/2155M, wordt per 1 januari 2027 ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Online cursus ViDA – btw in het digitale tijdperk

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×