• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geruisloze terugkeer uit B.V. nu nóg interessanter

13 november 2018 door Michel Halters

Als tegenhanger van de geruisloze inbreng, bestaat er sinds 2001 ook een faciliteit voor de geruisloze terugkeer uit de B.V. De regeling lijkt complex, toch biedt de regeling een aantal voordelen. Denk daarbij aan het niet langer van toepassing zijn van de gebruikelijkloonregeling en de mogelijkheid om onroerende zaken zonder overdrachtsbelasting naar privé te halen.

Als op een gegeven moment de conclusie is dat de uitoefening van de onderneming in de B.V. niet meer rendabel is, moet men zonder fiscale belemmeringen de rechtsvorm kunnen wijzigen. Daarom is er in zowel de Wet op de vennootschapsbelasting (Wet VPB 1969) als in de Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001) hiervoor een faciliteit opgenomen. Behoort tot het vermogen van de B.V. een onroerende zaak, dan geldt ook nog een vrijstelling overdrachtsbelasting. Hiervoor is een bepaling opgenomen in de Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBR).

 

Essentie geruisloze terugkeer in de vennootschapsbelasting

In artikel 14c Wet VPB 1969 is voor de vennootschapsbelasting de faciliteit voor geruisloze terugkeer opgenomen. Net als bij geruisloze inbreng, moet de voortzetter ook bij geruisloze terugkeer doorgaan met de fiscale boekwaarden van de activa en passiva van de overgenomen activa en passiva. Hierdoor gaat de fiscale claim op de nog niet belaste fiscale reserves, stille reserves en goodwill over van de B.V. op de voortzettende ondernemer. Deze voortzettende aandeelhouders treedt fiscaal in de plaats van de B.V.

 

Terugkeerreserve

Op fiscale reserves, stille reserves en goodwill rust in beginsel een dubbele belastingclaim, te weten vennootschapsbelasting en aanmerkelijkbelangheffing. Het behoud van de belastingclaim op voornoemde reserves en goodwill gebeurt door het vormen van een terugkeerreserve. De berekening van deze reserve is wettelijk voorgeschreven en is te vinden in artikel 3.54a lid 2 en lid 3 Wet IB 2001. De berekening van de terugkeerreserve kan ook negatief zijn.

 

Rechtsvorm, aandeelhouders en ontbinding

De geruisloze terugkeer staat open voor N.V.’s en B.V.’s, die een materiële onderneming uitoefenen. Ook soortgelijke buitenlandse rechtsvormen kunnen in aanmerking komen. Deze vennootschappen komen alleen in aanmerking voor geruisloze terugkeer voor zover zij uitsluitend natuurlijke personen als aandeelhouders hebben. Bovendien is een voorwaarde dat de vennootschap wordt ontbonden en de aandeelhouders de onderneming van de vennootschap zelf rechtstreeks voortzetten. Belangrijk is dat de geruisloze terugkeer niet is gericht op overdracht of liquidatie van de voortgezette onderneming.

Het vereiste van natuurlijke personen als aandeelhouders impliceert ook dat geruisloze terugkeer met een holdingstructuur niet mogelijk is. Om bij een holdingstructuur een geruisloze terugkeer toe te kunnen passen zijn er twee mogelijkheden. De eerste is verkoop van de aandelen in de werkmaatschappij door de holding aan de aandeelhouder(s). De tweede mogelijkheid is een juridische fusie tussen de holding en de werkmaatschappij.

 

Voorwaartse verliesverrekening

Als de vennootschap nog beschikt over voorwaarts verrekenbare verliezen, dan gaan die verrekenbare verliezen naar de voortzettende aandeelhouder(s) en wel voor 20/45e deel van die verliezen. Deze verliezen kunnen echter slechts worden verrekend met winsten behaald door de aandeelhouder(s) met de voortgezette onderneming. De voortzettende aandeelhouder kan het verlies niet verrekenen met ander inkomen uit box 1 (inkomen uit werk en woning). In de praktijk is men zich hier niet altijd van bewust.

 

Verzoek

Voor toepassing van de geruisloze terugkeer moet de vennootschap een verzoek indienen. Dit verzoek moet een aantal gegevens bevatten. Dit betreft onder meer de gegevens van de vennootschap en de achterliggende aandeelhouders. Ook wordt bijvoorbeeld gevraagd om een opgave van de voorwaarts verrekenbare verliezen. Een verzoek om toepassing van de geruisloze terugkeer kan uiterlijk worden ingediend tot het moment waarop het achterwege laten daarvan heeft geleid tot onherroepelijke fiscale gevolgen. Het is ook mogelijk dat het overgangstijdstip ligt vóór het tijdstip waarop het ontbindingsbesluit is genomen. Indien het gewenste overgangstijdstip ligt voor de civielrechtelijke overdracht van de onderneming door de vennootschap aan de voortzettende aandeelhouder moeten de vennootschap en de aandeelhouder schriftelijk verklaren welk overgangstijdstip zij in aanmerking wensen te nemen. Als dit het begin van het boekjaar is, is het noodzakelijk dat uiterlijk op 30 september van het boekjaar de intentieverklaring/voorovereenkomst geruisloze terugkeer aangetekend is verzonden aan de Belastingdienst, voorzien van een geleideformulier.  

 

Gronden afwijzing verzoek geruisloze terugkeer

De inspecteur zal het verzoek afwijzen als het niet tijdig is ingediend., Ook volgt een afwijzing als niet alle aandeelhouders natuurlijke personen zijn of zij niet allen de onderneming voortzetten. Bij een vennootschap die geen materiële onderneming drijft zal de Belastingdienst ook geen goedkeuring geven. Dat geldt ook als de geruisloze terugkeer onderdeel uitmaakt van een geheel van rechtshandelingen gericht op overdracht of liquidatie van de onderneming. Bij gewenste terugwerkende kracht naar 1 januari van het lopende jaar, is bovendien vereist dat de voorovereenkomst overdracht onderneming door aandeelhouders voor 1 oktober aangetekend met geleideformulier naar de Belastingdienst wordt verzonden.

 

Voorkomen van verliesverdamping

In het Belastingplan 2019 is voorgesteld de termijn voor de voorwaartse verrekening van verliezen terug te brengen van negen jaar naar zes jaar vanaf 2019. Dit betekent dat in de vennootschapsbelasting verliezen eerder zullen verdampen. In de inkomstenbelasting is de termijn nog negen jaar. Na geruisloze terugkeer zullen de overgenomen ondernemingsverliezen nog verrekenbaar blijven met winsten uit de voortgezette onderneming, omdat de overgenomen verliezen na geruisloze terugkeer voor de inkomstenbelasting gelden als ondernemingsverliezen.

 

Geen overdrachtsbelasting bij overgang van onroerende zaken

Voor de overdrachtsbelasting geldt een vrijstelling bij overgang van onroerende zaken in het kader van de geruisloze terugkeer. Voorwaarde is dat de onroerende zaken deel uit gaan maken van het (verplichte) ondernemingsvermogen van de voortzettende aandeelhouder. Bovendien moet de onroerende zaak ten minste drie jaar tot het ondernemingsvermogen blijven behoren. Bij verkoop van die onroerende zaak binnen drie jaar is alsnog overdrachtsbelasting verschuldigd.

 

Afschrijving tot 50% van de WOZ-waarde

Van belang verder is dat op grond van het Belastingplan 2019 B.V.’s nog maar kunnen afschrijven tot 100% van de WOZ-waarde voor onroerende zaken in eigen gebruik. Ondernemers in de inkomstenbelasting kunnen afschrijven tot op 50% van de WOZ-waarde van de onroerende zaken in eigen gebruik.

 

Geen gebruikelijk loon meer

Wanneer een aanmerkelijkbelanghouder werkzaamheden verricht voor zijn B.V. moet hij een gebruikelijk loon ontvangen. Zeker wanneer de B.V. in financieel zwaar weer zit, is het uitbetalen van het (gebruikelijke) loon mogelijk problematisch. Ook bezien vanuit de beperking van de mogelijkheid verliezen voorwaarts te verrekenen. Bij terugkeer naar de IB-onderneming hoeft de ondernemer geen gebruikelijk loon meer in aanmerking te nemen en wordt de onderneming verlost van het uitbetalen van het gebruikelijk loon.

 

Meer weten?

Tijdens de Masterclass inbreng in en terugkeer uit de B.V. gaat mr. Almer de Beer dieper in op dit onderwerp.

> Informatie en aanmelden

 

Wet: art. 3.54a Wet IB 2001 en art. 14c Wet VPB 1969

Besluit: Besluit geruisloze terugkeer van 27 december 2005, CPP2005/2573M

Overig: standaardvoorwaarden geruisloze terugkeer

Filed Under: Nieuws, Verdieping, Verdieping, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Vermindering belastingrente vanwege zorgvuldigheidsbeginsel
Volgende artikel
Tip van de sluier 4/5: Laat cliënt tijdig aanbetaling doen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Bedrijf op curacao, feitelijke leiding in Nederland

Standpunt kwalificatie Curaçaose naamloze vennootschap

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Curaçaose naamloze vennootschap vergelijkbaar is.

Standpunt Schots co-invest fonds en carried interest fonds

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord of voor de toepassing van artikel 2, vierde lid, Wet Vpb 1969 een co-invest fonds en een carried interest fonds kunnen worden aangemerkt als beleggingsfonds of fonds voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in artikel 1:1 Wet op het Financieel Toezicht.

balans

Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd

De staatssecretaris van Financiën heeft het Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd. Het besluit vervangt het eerdere beleidsbesluit en bevat nieuwe standpunten en voorbeelden over de toepassing van de hybridemismatchmaatregelen van afdeling 2.2A Wet Vpb 1969, met name ten aanzien van Amerikaanse CFC-regimes, vaste inrichtingen en cost-plusstructuren.

valuta

Standpunt beoordeling laagbelastheid vrije beleggingen: CFC-heffing telt niet mee

De Kennisgroep deelnemingsvrijstelling heeft de vraag beantwoord of rekening wordt gehouden met een bij de belastingplichtige geheven CFC-heffing voor de beoordeling of de vrije beleggingen van het lichaam waarin een deelneming wordt gehouden laagbelast zijn. Volgens de Kennisgroep deelnemingsvrijstelling wordt met deze CFC-heffing geen rekening gehouden.

Pillar2

Standpunt kwalificatie Société Anonyme Libanaise

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Société Anonyme Libanaise vergelijkbaar is.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×