• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Handelen voor de bv in oprichting

11 november 2014 door Remco Latour

Met het oprichten van een bv kan enige tijd gepaard gaan. Toch zal het vaak nodig zijn om alvast transacties aan te gaan. In beginsel zal de Belastingdienst de resultaten uit de voor-voorperiode en de voorperiode toerekenen aan de bv. Als de oprichters handelingen voor de bv in oprichting verrichten tijdens deze periode, zal de vergoeding die zij daarvoor ontvangen belast zijn als resultaat uit overige werkzaamheden.

(Voor-)voorperiode ruisende inbreng

De periode waarin de oprichtingsakte van de bv nog niet is gepasseerd, maar wel op naam van de bv wordt gehandeld, wordt de voorperiode genoemd. Bij de ruisende inbreng van een IB-onderneming in de bv kan aan de geregistreerde intentieverklaring of voorovereenkomst terugwerkende kracht worden verleend tot maximaal drie maanden. Er ontstaat dan een voor-voorperiode. De oprichters van de bv moeten daartoe een verzoek indienen bij de aangifte over het jaar waarin de voor-voorperiode aanvangt. Vereist is dat inbreng in de bv binnen negen maanden na het gekozen overgangstijdstip heeft plaatsgevonden.

 

(Voor-)voorperiode geruisloze inbreng

Ook bij de geruisloze inbreng is terugwerkende kracht te verlenen aan de intentieverklaring of voorovereenkomst. Er ontstaat dan weer een voor-voorperiode. De intentieverklaring of voorovereenkomst moet zijn gesloten en geregistreerd bij de Belastingdienst binnen negen maanden na het laatste volledige boekjaar van de ondernemer. Als vaststaat dat binnen die termijn de notaris een akte van depot of andere notariële akte is opgemaakt, waaruit het voornemen tot oprichting blijkt, kan ook terugwerkende kracht worden verleend aan de intentieverklaring of voorovereenkomst.

 

Toerekening winst voorperiode

Civielrechtelijk heeft de bv pas bestaansrecht als zij is opgericht. Voor de winst die in de voorperiode is gegenereerd, kan dus geen aanslag vennootschapsbelasting worden opgelegd, omdat de bv toen eenvoudigweg nog niet bestond. Op grond van jurisprudentie wordt de winst uit de voorperiode toegevoegd aan de winst van het eerste boekjaar van de bv. Dit is in beginsel ook mogelijk voor de winst uit de voor-voorperiode. De toerekening van de winst uit de voorperiode en voor-voorperiode aan de winst van de bv in het eerste boekjaar brengt het volgende met zich. De winst uit die perioden wordt niet met inkomstenbelasting belast bij de belastingplichtige die zijn onderneming inbrengt, maar met vennootschapsbelasting bij de bv. Ook mag men in die perioden geen gebruik maken van de ondernemersfaciliteiten in de inkomstenbelasting. Bij inbreng van een IB-onderneming in de bv kunnen de handelingen ten behoeve van de bv wel ondernemingsactiviteiten zijn als ze buiten de (voor-)voorperiode vallen en dus niet aan de bv worden toegerekend.

 

Optreden namens bv i.o.

Als de notaris bezig is met de voorbereiding voor de oprichting van de bv, kunnen de oprichters handelen namens de bv in oprichting (bv i.o.). Als in de op te richten bv een eenmanszaak wordt ingebracht, wordt soms de naam van deze eenmanszaak gebruikt met de toevoeging bv i.o. De contracten in deze fase zijn namens de eenmanszaak. De bv kan een contract later alleen overnemen als de andere partij hiermee akkoord gaat. Als de bv i.o. actief is als onderneming, is inschrijving in het Handelsregister verplicht. Een notaris moet hierbij verklaren de oprichting te verzorgen.

 

Vergoeding voor handelingen in voorperiode

Als een oprichter in de voorperiode handelingen verricht voor de bv i.o., kan hij daarvoor een vergoeding vragen. Deze vergoeding kan hij ontvangen via de rekening-courantverhouding met de bv, zoals het geval was in een zaak voor Hof Arnhem-Leeuwarden. In deze zaak had de oprichter dit voordeel niet opgegeven in zijn aangifte inkomstenbelasting. Het hof oordeelde echter dat hij dit voordeel had genoten als resultaat uit overige werkzaamheden. De Belastingdienst mocht daarom inkomstenbelasting navorderen over dit voordeel.

 

Aansprakelijkheid

Voor rechtshandelingen namens een op te richten vennootschap (bv i.o.) is degene, die de rechtshandelingen verricht namens de bv i.o., hoofdelijk aansprakelijk totdat de vennootschap na haar oprichting de rechtshandeling(en) heeft bekrachtigd. Als diegene tijdens het verrichten van die rechtshandeling wist dat de vennootschap haar verplichtingen uit de bekrachtigde rechtshandeling niet zou kunnen nakomen, is hij hiervoor aansprakelijk. De aansprakelijkheid is dan gegrond op een onrechtmatige daad.

 

Wet: artikel 2:203 BW

Besluit: onderdeel 12.1.2 Besluit van de staatssecretaris van Financiën van 30 juni 2010, DGB2010/3599M en onderdeel 3 Besluit van de staatssecretaris van Financiën van 16 september 2008, CPP2008/1626M

Meer informatie: Hof Arnhem-Leeuwarden, 21 oktober 2014 (gepubliceerd 31 oktober 2014), ECLI:NL:GHARL:2014:8029

Filed Under: Financiële planning, Formeel belastingrecht, Nieuws, Verdieping, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Zesmaandsfictie bij ontbreken EDM geen reden vergrijpboete
Volgende artikel
Markt notarisdiensten groeit weer, prijzen blijven dalen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

echtscheiding

Tariefbeperking pensioenverrekening niet discriminerend

De Hoge Raad oordeelt dat de tariefbeperking voor aftrek van doorbetaald pensioen bij een scheiding van vóór 1 mei 1995 niet in strijd is met het discriminatieverbod. Pensioenverrekening volgens het arrest Boon/Van Loon en pensioenverevening op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding zijn voor deze regeling geen gelijke gevallen.

lijfrente

Standpunt looptijd bancaire nabestaandenlijfrente voor kind dat bijna 30 jaar is

De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting heeft vragen beantwoord over de looptijd van een bancaire nabestaandenlijfrente wanneer het tegoed door overlijden van de rekeninghouder toekomt aan een kind dat bijna dertig jaar oud is.

wet excessief lenen

Kabinet zoekt breed draagvlak voor aanpassing box 3

Het kabinet wil zo snel mogelijk tot concrete en breed gedragen voorstellen voor box 3 komen, maar ziet dat de steun voor aanpassingen en de dekking daarvan sterk uiteenloopt. Minister Heinen en staatssecretaris Eerenberg leggen vier scenario’s voor en vragen om uitstel van de behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3.

vastgoed buitenland

Standpunt buitenlandse collectieve beleggingsinstelling in relatie tot het Unierecht

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft de vraag beantwoord of het Unierecht zich verzet tegen de toepassing van artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet op de dividendbelasting 1965 op grond waarvan de inhoudingsvrijstelling buiten toepassing blijft op een buitenlandse collectieve beleggingsinstelling die een vergelijkbare functie vervult als een fiscale beleggingsinstelling.

BEFIT

Standpunt toepassing misbruiktoets Wet op de dividendbelasting 1965

De Kennisgroep dividendbelasting en bronbelasting en de Kennisgroep IBR Vpb & winst hebben gezamenlijk een vraag beantwoord over de toepassing van de misbruiktoets in artikel 4, derde lid, onderdeel c van de Wet op de dividendbelasting 1965.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

Opleidingen

Masterclass Vermogen in box 1, 2 en 3: de afwegingen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Opleidingen

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×