Staatssecretaris Eerenberg licht toe dat het fiscaal inzagerecht stapsgewijs wordt ingevoerd, zodat burgers en bedrijven hun fiscale dossier zo spoedig mogelijk en op een verantwoorde wijze kunnen inzien, rekening houdend met de beschikbare capaciteit en uitvoerbaarheid.
Met de invoering van artikel 66a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is een belangrijke stap gezet naar meer transparantie voor burgers en bedrijven door een recht op inzage in het eigen fiscale dossier te introduceren. De staatssecretaris onderschrijft het doel van het inzagerecht volledig. Transparantie over het handelen van de overheid draagt volgens hem bij aan een betere positie van belastingplichtigen, vergroot de uitlegbaarheid van besluitvorming en versterkt het vertrouwen in de overheid.
Verandering voor Belastingdienst
De Belastingdienst constateert dat de informatie uit fiscale dossiers momenteel versnipperd is over tientallen niet-gekoppelde systemen. Daarnaast moeten documenten handmatig worden beoordeeld om vast te stellen of zij onder het inzagerecht vallen en of gegevens moeten worden afgeschermd vanwege gewichtige redenen, zoals de bescherming van de privacy van andere belastingplichtigen of medewerkers. Een Gateway Review bevestigt dat het niet alleen om een technische opgave gaat, maar om een fundamentele verandering in de manier waarop de Belastingdienst werkt. Daarom wordt afgezien van het eerder geplande addendum bij de uitvoeringstoets en wordt eerst een realistische implementatieroute uitgewerkt.
Gefaseerde invoering tot een integraal dossier
De implementatie volgt een fasering per belastingmiddel en documenttype. Tot en met 2029 worden eerst massale uitgaande berichten, zoals aanslagen, beschikkingen en ingediende formulieren, beschikbaar gemaakt via MijnBelastingdienst. Daarna volgt informatie over het behandelproces en de onderbouwing van besluiten. Vanaf 2032 moet uiteindelijk een integraal en samenhangend fiscaal dossier beschikbaar komen. In de tweede helft van 2026 ontvangt de Kamer een meer gedetailleerde routekaart.
De staatssecretaris wil daarnaast onderzoeken hoe een aanvullend fiscaal inzagerecht vorm kan krijgen, met waarborgen voor de uitvoerbaarheid. De kosten van de invoering worden zoveel mogelijk ingepast binnen het bestaande IV-portfolio van de Belastingdienst. Voor de Douane wordt voorgesteld accijns en verbruiksbelasting uit te zonderen van het fiscaal inzagerecht, omdat dit de informatiepositie van belastingplichtigen nauwelijks verbetert en de implementatie onnodig complex maakt. De Douane blijft wel werken aan verbetering van de informatiepositie en rechtsbescherming van belastingplichtigen.





Geef een reactie